Matjiesfontein, Zuid-Afrika 16 jan 2008

Van Graaf Reinet 400 km verder naar Matjiesfontein

Gisteravond hadden we heerlijk gegeten en de nodige wijn verorbert. Ik had zelfs zo veel gehad dat ik alles dubbel zag ;-) Het ontbijt hadden we gemist en dus moesten we uitwijken naar een plaatselijk etablissement. Dat kwam goed uit want het internet café lag er vlak bij. We moesten deze weblog toch eindelijk weer eens bijwerken. Na het bezoek aan twee museums in Graaf-Reinet stond ons een lange rit te wachten. We moesten 400 km afleggen om uit te komen in Matjiesfontein. Een lange tocht door een droge vallei waarbij om de 25 kilometer misschien eens een boerderij te zien was.

Matjiesfontein is een heel klein plaatsje in de “middle of nowhere”. Er is een straat met daaraan een groot hotel en winkels en bar. Aan de overkant van de straat is het treinstation. Dit is eigenlijk alleen nog maar een museum. Toch stopt hier regelmatig een trein. De treinreizigers krijgen hier dan een 1,5 uur durende tussenstop. Dit alles is in het bezit van 1 man. Een oude Miljonair van 84 jaar oud die op twee krukken loopt.

Bij aankomst stopt er een rode Londonse dubbeldekker. Achterop op het instapperron staat een kleine dikke man in een portier pakje met een trompet en een zware stem. Blijkbaar wordt elke avond een rondrit gemaakt met de gasten van het hotel door Matjiesfontein. Nadat we ons opgefrist hebben gaan we naar beneden waar we door diezelfde man opgewacht worden. Hij leidt ons rond door het hotel en de tuinen. Ondertussen zingt hij bluesliedjes en als we uiteindelijk bij de bar uitkomen neemt hij plaats achter de piano en begint: “Georgia” te zingen.

Op naar de “Diningroom” om door de keurig verklede bedienden een heerlijke maaltijd voorgeschoteld te krijgen. Dan komt de eigenaar binnen gestrompeld. Hij komt eerst op onze tafel af om een gesprek te voeren. Echt zo’n heerlijke bekakte doch zeer vriendelijke man. Het gesprek duurt ook een hele tijd. Hij houd wel van verhalen vertellen. Als we na het diner besluiten naar de bar te gaan komen we hem weer tegen. We moeten echt wel op zijn kosten iets drinken. In de bar is het leeg. Maar dat mag de pret niet drukken. We drinken wat, praten met de ober Werner (Hoe komt een zwarte afrikaan aan zo’n naam?), met de manager die even later binnenkomt (ook al op zeer hoge leeftijd) en met nog een manager die zelf ook nog even piano speelt. Anne-Marie speelt voor hun nog “Yesterday” van de Beatles. Om dit alles samen te vatten. Dit hotel is bevroren in tijd. Het heeft nog altijd de uitstraling van een chique hotel van zo’n 100 jaar geleden. En die sfeer wordt hier keurig in ere gehouden. Een heel bijzondere ervaring!